Acute behandeling

U bevindt zich hier: Anafylactische shock Ľ Acute behandeling

De acute behandeling in geval van een anafylactische shock

De eerste behandeling van een anafylactische shock, is het toedienen van adrenaline (epinefrine) in een spier in het lichaam. Dit moet zo snel mogelijk gebeuren. Mensen die weten dat ze een anafylactische shock kunnen krijgen, moeten eigenlijk altijd een auto-injector met epinefrine bij zich dragen. Hoe eerder de epinefrine wordt toegediend, hoe beter het herstel zal zijn. De epinefrine wordt bij voorkeur in een spier geÔnjecteerd. Op die manier wordt de adrenaline het snelst opgenomen door het lichaam.

Na het toedienen van de epinefrine moet direct een ambulance gebeld worden (via 112).

Ondertussen moet de ademhaling van de patiŽnt in de gaten worden gehouden en kunnen eventueel ook nog antihistaminica of corticosteroÔden toegediend worden. Als de symptomen binnen 5 tot 15 minuten niet voldoende afnemen of zelfs verergeren, kan een tweede adrenaline-injectie gegeven worden.

De adrenaline auto-injector

De adrenaline auto-injector is een adrenalinespuit die geschikt is voor toediening door de patiŽnt zelf of door iemand in zijn of haar omgeving. Er zijn twee doseringen beschikbaar:

  • 0,3 mg (geschikt voor volwassenen en kinderen vanaf 30 kg)
  • 0,15 mg (geschikt voor kleinere kinderen)

De dosering van 0,15 mg kan voor heel jonge kinderen te hoog zijn en voor kinderen die tegen de 30 kg aanlopen te laag. Als er zich eerder ernstige reacties hebben voorgedaan, krijgen kinderen die net onder de grens van 30 kg. vallen dan ook vaak een 0,3 mg injector voorgeschreven.

De werking van de adrenaline auto-injector wordt meestal zowel mondeling als schriftelijk aan de patiŽnt toegelicht en gedemonstreerd met behulp van een oefenpen. Met de oefenpen (waar de injectienaald ontbreekt) kan de injectie geoefend worden om zo ervaring en routine op te doen vor het geval een keer echt nodig is. De houdbaarheid van een adrenaline auto-injector is meestal 1,5 jaar. De auto-injector moet daarom regelmatig vervangen worden.

Een tweede adrenaline auto-injector

Niet iedereen heeft genoeg aan ťťn injectie met adrenaline. Het kan dus verstandig om niet ťťn maar twee adrenaline auto-injectoren bij je te hebben. Na het toedienen van de eerste dosis moet altijd contact gezocht worden met de huisarts of met de eerste hulp, ook als het alweer wat beter gaat. De gebruikte auto-injector moet natuurlijk meteen vervangen worden.

Bij kinderen kunnen er zelfs meer dan 2 adrenaline auto-injectoren worden voorgeschreven. Niet alle kinderen kunnen een injector makkelijk bij zich dragen, zonder deze kwijt te raken of ergens te laten liggen. Daarom moet eigenlijk op alle plaatsen waar het kind regelmatig komt een adrenaline auto-injector liggen (op school, bij het beste vriendje, op de judo, thuis etc.).

Lees verder over het stellen van de diagnose anafylaxie

-->


(Advertentie)



U bevindt zich hier: Anafylactische shock Ľ Acute behandeling

(Advertentie)